Advanced search in Research products
Research products
arrow_drop_down
Searching FieldsTerms
Any field
arrow_drop_down
includes
arrow_drop_down
Include:
The following results are related to Digital Humanities and Cultural Heritage. Are you interested to view more results? Visit OpenAIRE - Explore.
123,854 Research products, page 1 of 12,386

  • Digital Humanities and Cultural Heritage
  • Research software
  • Other research products
  • Open Access
  • Other ORP type

10
arrow_drop_down
Date (most recent)
arrow_drop_down
  • Other research product . Other ORP type . 2100
    Open Access
    Authors: 
    Baars, Christiaan;
    Publisher: Data Archiving and Networked Services (DANS)

    Op 8 augustus 1826 werd in Elst (Utrecht) een vondelingetje ontdekt. Dit verhaal is een reconstructie en beschrijving.

  • Open Access Dutch
    Authors: 
    Bureau voor Archeologie;
    Publisher: Data Archiving and Networked Services (DANS)

    Bureau voor Archeologie heeft een bureauonderzoek uitgevoerd voor aanleg van recreatie- en natuurgebied in de Polder Groot-Mijdrecht te Vinkeveen.

  • Open Access Dutch
    Authors: 
    Jong, C. de (Bureau voor Archeologie);
    Publisher: Data Archiving and Networked Services (DANS)

    Bureau voor Archeologie heeft een bureau- en inventariserend veldonderzoek in de vorm van boringen uitgevoerd voor bouwwerkzaamheden aan de Dorp 135 te Benschop.

  • Open Access Dutch
    Authors: 
    Boer, A. de (Bureau voor Archeologie);
    Publisher: Data Archiving and Networked Services (DANS)

    Bureau voor Archeologie heeft een bureau- en inventariserend veldonderzoek in de vorm van boringen uitgevoerd voor de Donksestraat te Den Dungen.

  • Open Access Dutch
    Authors: 
    Bureau voor Archeologie;
    Publisher: Data Archiving and Networked Services (DANS)

    Bureau voor Archeologie heeft een bureau- en inventariserend veldonderzoek in de vorm van boringen uitgevoerd voor een bouwplan op enkele percelen bij Lodderhoeksestraat 11 te Angeren. Het plangebied ligt in het archeologisch landschap 'Rijn-Maasdelta', in de landschapszone stroom- en crevasseruggen. Het plangebied ligt tussen de Waalbeek en de Malburgen beddinggordels die afzettingen hebben gevormd in de Bronstijd, IJzertijd en Romeinse tijd. Mogelijk lopen crevasse-afzettingen van deze beddinggordels door tot in het plangebied. In het plangebied kunnen archeologische resten uit de Bronstijd en jonger aanwezig zijn gerelateerd aan bewoning, economie, infrastructuur, rituelen en begravingen. In de 18e, 19e en de eerste helft van de 20e eeuw is het plangebied onbebouwd en uit deze periode worden alleen resten gerelateerd aan agrarische activiteiten verwacht. In het plangebied zijn zes boringen gezet. Hieruit blijkt dat de natuurlijke ondergrond bestaat uit, van diep naar ondiep, rivierafzettingen van het Pleistocene terras X, Vroeg Holocene oeverafzettingen, komafzettingen, en crevasse- of oeverafzettingen van de Malburgen of Waalbeek beddinggordel. In de top van de crevasse- of oeverafzettingen heeft zich een cultuurlaag gevormd (ook wel “archeologische laag”). Deze cultuurlaag is aanwezig in het centrale en noordelijke deel van het plangebied. De top van het pakket ligt op 50 tot 60 cm-mv. In de cultuurlaag bevinden zich geen dateerbare indicatoren. De cultuurlaag is waarschijnlijk ontstaan in de Middeleeuwen of Nieuwe tijd. Gezien de ouderdom van de crevasse- of oeverafzettingen kunnen echter ook oudere archeologische resten (uit de Bronstijd en jonger) aanwezig zijn. Wij adviseren aanvullend archeologisch onderzoek uit te laten voeren om nader te bepalen of sprake is van behoudenswaardige archeologische resten. We bevelen aan dit onderzoek uit te laten voeren als een archeologisch proefsleuvenonderzoek.

  • Open Access Dutch
    Authors: 
    Bureau voor Archeologie;
    Publisher: Data Archiving and Networked Services (DANS)

    Bureau voor Archeologie heeft een bureau- en inventariserend veldonderzoek in de vorm van boringen uitgevoerd voor de ontwikkeling van enkele percelen ter hoogte van de Leyenseweg 38 te Bilthoven. Het plangebied ligt in het archeologisch landschap 'Noordelijk zandgebied', in de landschapszone dekzandvlakten, ten westen van de Utrechtse Heuvelrug. De geomorfologische kaart plaatst het plangebied in gordeldekzandwelvingen. Het plangebied ligt waarschijnlijk op de rand van een veenontginning uit het eind einde van de Late Middeleeuwen of uit het begin van de Nieuwe tijd. De Leyenseweg is de noordelijke grens van het laatste ontginningsblok ‘Het Nieuwe veen’. Mogelijk is het gebied ten noorden van deze weg (dus het plangebied) ook nog als veenontginning ontwikkeld. Begin 19e eeuw is het plangebied deels in gebruik als bouwland en deels als boomgaard. Sinds eind 20 eeuw is het westelijke plangebied bebouwd en is het oostelijke deel in gebruik als volkstuinencomplex. Omdat de landschappelijke ontwikkeling niet duidelijk is, en evenmin de aard en intactheid van het bodemprofiel, is de archeologische verwachting op basis van het bureauonderzoek breed en kunnen archeologische resten uit alle archeologische perioden aanwezig zijn. Door veenbedekking is het plangebied aan het einde van de prehistorie (IJzertijd, Romeinse tijd) en in de Vroege Middeleeuwen vermoedelijk slecht geschikt geweest voor bewoning. Dat betekent dat hoofdzakelijk archeologische resten uit de periode Paleolithicum tot en met Bronstijd en uit de periode Late Middeleeuwen en Nieuwe tijd kunnen worden verwacht. In het plangebied zijn dertien handboringen gezet. Deze bevestigen dat de natuurlijke bodemopbouw bestaat uit dekzand. Op het dekzand ligt een humeus pakket dat in een groot deel van het plangebied is omgewerkt. In twee boorprofielen zijn resten van podzol B-horizonten aanwezig. In drie boorprofielen is de A-horizont waarschijnlijk nog deels intact. In totaal gaat het om vier boorprofielen die aaneensluitend liggen in een zone in het noordoosten van het plangebied waar sprake is van een potentieel archeologisch sporenniveau.

  • Open Access Dutch
    Authors: 
    Bureau voor Archeologie;
    Publisher: Data Archiving and Networked Services (DANS)

    Bureau voor Archeologie heeft een inventariserend veldonderzoek in de vorm van boringen uitgevoerd voor een bouwplan op een perceel ter hoogte van Dorpsstraat 867-971 te Assendelft. De vraagstelling van het onderzoek luidt: hoe kan rekening gehouden worden met eventuele archeologische resten bij de voorgenomen ontwikkeling? Het onderzoek is uitgevoerd in overeenstemming met de richtlijnen van de KNA, protocol 4003. Voor het onderzoek is door de gemeente een programma van eisen opgesteld. Op basis daarvan is het veldwerk uitgevoerd. In het plangebied zijn 27 boringen gezet. De maximale boordiepte was 300 cm -mv. Meerdere boringen zijn gestuit op harde lagen. Uit het booronderzoek blijkt dat het bodemprofiel in het plangebied sterk is vergraven door de bouw- en sloop van schuren met gierkelders en verdiepte voergangen. In 1990 was het plangebied vrijwel geheel bebouwd, zie foto op de voorzijde van dit rapport. Uit de boringen komen geen aanwijzingen dat nog sprake kan zijn van behoudenswaardige terpresten. Evenmin is uit de boringen ter hoogte van de historische sloot gebleken dat sprake is van afvallagen die een relatie hebben met laatmiddeleeuwse bewoning. Bureau voor Archeologie adviseert het plangebied vrij te geven voor de voorgenomen ontwikkeling. Dit onderzoek is met grote zorgvuldigheid uitgevoerd. Het is echter nooit uit te sluiten dat bij de graafwerkzaamheden toch archeologische resten worden aangetroffen op plaatsen en dieptes waar die niet worden verwacht. Eventuele archeologische resten is men verplicht te melden bij de Minister van OCW in overeenstemming met de Erfgoedwet. In dit geval wordt aangeraden om contact op te nemen met de gemeente Zaanstad. Op grond van de resultaten van het onderzoek en het advies zal de bevoegde overheid (gemeente Zaanstad) een selectiebesluit nemen over de daadwerkelijke omgang met eventueel aanwezige archeologische resten in het plangebied.

  • Open Access Dutch
    Authors: 
    Jong, C. de (Bureau voor Archeologie);
    Publisher: Data Archiving and Networked Services (DANS)

    Bureau voor Archeologie heeft een bureau- en inventariserend veldonderzoek in de vorm van boringen uitgevoerd voor bouwwerkzaamheden aan de Opbroekweg naast 22 te Rijssen.

  • Open Access Dutch
    Authors: 
    Bureau voor Archeologie;
    Publisher: Data Archiving and Networked Services (DANS)

    Bureau voor Archeologie heeft een bureau- en inventariserend veldonderzoek in de vorm van boringen uitgevoerd voor een bouwplan aan de Koningin Wilhelminaweg 85 te Amerongen.

  • Open Access Dutch
    Authors: 
    Bureau voor Archeologie;
    Publisher: Data Archiving and Networked Services (DANS)

    Het plangebied ligt in het archeologisch landschap 'Peelhorst', in de landschapszones dekzandruggen en dekzandvlaktes. Het plangebied ligt grotendeels op een lage dekzandrug. In de zandgronden hebben zich veldpodzolgronden ontwikkeld. Op dekzand is bewoning mogelijk in het Laat-Paleolithicum en later. In deze periode vestigen mensen zich in tijdelijke kampementen, met name op de hogere delen van het landschap in de nabijheid van water. Ook na de introductie van de landbouw in het Neolithicum kan het dekzandlandschap zijn gebruikt door de bewoners. Echter, in de loop van het Holoceen ontstaat op de Peel een uitgestrekt hoogveenmoeras en onder de drassige omstandigheden wordt de Peel onaantrekkelijk voor boeren. Het plangebied is begin 19e eeuw nog een nat heidegebied. Midden 20e eeuw wordt het plangebied ontgonnen. In het plangebied zijn elf boringen gezet met een 7 cm Edelmanboor. De boringen bevestigen dat het natuurlijke bodemmateriaal bestaat uit dekzand. In de top van het dekzand zijn in vier boorprofielen resten van een podzol B- en BC-horizont aanwezig. Hierop ligt een menglaag (AC horizont) en een bouwvoor (A-horizont). De menglaag wijst er op dat diepe grondwerkzaamheden hebben plaatsgevonden. Mogelijk is sprake geweest van diepploegen of van uitzanden van het perceel. Ter hoogte van de boorpunten met een B- en BC-horizont is een extra boring gezet met een 15 cm Edelmanboor en is de opgeboorde grond gezeefd over een zeef met een maaswijdte van 4 mm. Er zijn bij deze kartering geen archeologische indicatoren aangetroffen die wijzen op een vindplaats. Behoudenswaardige archeologische resten zijn waarschijnlijk niet aanwezig. Bureau voor Archeologie adviseert het plangebied vrij te geven voor de voorgenomen ontwikkeling.