Advanced search in Research products
Research products
arrow_drop_down
Searching FieldsTerms
Any field
arrow_drop_down
includes
arrow_drop_down
Include:
The following results are related to Digital Humanities and Cultural Heritage. Are you interested to view more results? Visit OpenAIRE - Explore.
200,237 Research products, page 1 of 20,024

  • Digital Humanities and Cultural Heritage
  • Research data
  • Research software
  • Open Access
  • Dataset
  • Digital Humanities and Cultural Heritage

10
arrow_drop_down
Date (most recent)
arrow_drop_down
  • Open Access Dutch; Flemish
    Authors: 
    Jong, C. de;
    Publisher: Data Archiving and Networked Services (DANS)
  • Open Access Dutch; Flemish
    Authors: 
    Bureau voor Archeologie;
    Publisher: Data Archiving and Networked Services (DANS)
    Country: Netherlands

    Bureau voor Archeologie heeft een archeologisch bureauonderzoek en een booronderzoek uitgevoerd voor de bouw van een loods aan de Herenweg 161a te Rijnsaterwoude. Het archeologisch onderzoek is uitgevoerd in het kader van de aanvraag van een bestemmingsplanwijziging. Op basis van booronderzoeken in de omgeving van het plangebied maakt de top van het Laagpakket van Wormer, die door vervening weer aan de oppervlakte is komen te liggen, deel uit van een kweldervlakte. De kweldervlakte was relatief slecht geschikt voor bewoning en daarom worden op dit niveau geen archeologische waarden verwacht. Het oostelijke deel van het plangebied heeft deel uitgemaakt van een bewoningslint langs de Herenweg. Daarom kunnen in dit deel van het plangebied archeologische waarden uit de Late Middeleeuwen en Nieuwe tijd aanwezig zijn. In het plangebied zijn vijf boringen gezet tot maximaal 400 cm -mv. Hieruit blijkt dat de top van het Laagpakket van Wormer inderdaad uit niet-gerijpte kwelderafzettingen bestaat. Het oorspronkelijk veenpakket is grotendeels verdwenen. De restveenlaag is door ploegwerkzaamheden in de top van de kwelderafzettingen opgenomen. In het plangebied zijn geen potentiële bewoningslagen of sporen van gebruik van het gebied uit de Late Middeleeuwen of Nieuwe tijd aangetroffen. Op basis van het booronderzoek worden in het plangebied geen archeologische waarden verwacht.

  • Open Access Dutch; Flemish
    Authors: 
    Bureau voor Archeologie;
    Publisher: DANS Data Station Archaeology
    Country: Netherlands

    Het plangebied ligt in het archeologisch landschap 'Lage Maasterrassen', in de landschapszone rivierduinen. De rivierduinen zijn ontstaan tijdens de laatste ijstijd. Vermoedelijk ligt, net zoals op het westelijk gelegen perceel waar een opgraving is uitgevoerd, op de rivierduinafzettingen een gefaseerd plaggendek. Onder het plaggendek liggen vermoedelijk een aantal akkerlagen. Onder deze afzettingen kunnen archeologische resten aanwezig zijn. Op basis van opgravingsresultaten op het naastgelegen terrein, geldt de voornaamste verwachting archeologische resten uit de periode Bronstijd tot en met Middeleeuwen. Het plangebied is in de historische tijd tot in de 20 e eeuw, voor zover bekend, onbebouwd geweest. De huidige woningen komen uit 1950. In het plangebied zijn zes boringen gezet tot maximaal 410 cm-mv om de bodemopbouw te verkennen. De boringen bevestigen dat het natuurlijke bodemprofiel bestaat uit rivierduinafzettingen op de Laag van Wijchen op beddingafzettingen van het Laagterras (Formatie van Kreftenheye). De top van het Laagterras ligt in het oosten van het plangebied tussen 566 en 611 cm NAP. Het Laagterras ligt in het westen van het plangebied iets dieper en buiten de maximale onderzoeksdiepte. De Laag van Wijchen is in het westen wél aanwezig en de top daarvan ligt tussen 556 en 560 cm NAP. Op deze afzettingen ligt een meters dik pakket rivierduinafzettingen. In en op de rivierduinafzettingen liggen enkele pakketten met antropogene oorsprong (cultuurlaag, akkerlaag, plaggendek). Bij het uitvoeren van graafwerkzaamheden tot in het bovenste archeologische niveau (direct onder het plaggendek) kunnen archeologische resten worden verstoord. Aanbevolen wordt om graafwerkzaamheden dieper dan 100 cm-mv te vermijden. Als het niet mogelijk is om de diepte van de graafwerkzaamheden te beperken tot maximaal 100 cm-mv, wordt aanbevolen een archeologisch proefsleuvenonderzoek uit te laten voeren om nader te bepalen of archeologische resten aanwezig zijn (kartering) en wat daarvan de waarde is (waardering).

  • Open Access
    Authors: 
    Bureau voor Archeologie;
    Publisher: DANS Data Station Archaeology
    Country: Netherlands

    Bureau voor Archeologie heeft een bureau- en inventariserend veldonderzoek in de vorm van boringen uitgevoerd voor een bouwplan aan de Groenstraat te Berlicum.

  • Open Access Dutch; Flemish
    Authors: 
    Bureau Voor Archeologie;
    Country: Netherlands

    Bureau voor Archeologie heeft een bureau- en inventariserend veldonderzoek in de vorm van boringen uitgevoerd voor ontwikkeling van een perceel aan de Oude Bergerweg 2 te Bergen (NH). Het plangebied ligt in het archeologisch landschap 'Duinen en strandwallen', ten noorden van het 'Zeegat van Bergen' op een strandwal die zich tussen 3850 en 2750 v. Chr. vormt. In de Middeleeuwen zijn de strandwallen grootschalig ontgonnen. Het plangebied ligt in de historische kern van Oostdorp in een bebouwingslint dat op een kaart uit de 16e eeuw staat aangegeven. Eind 19e eeuw is op het perceel Villa Zuilenhof gebouwd. In het plangebied zijn vijf handboringen gezet tot 350 cm-mv of dieper om de aard en intactheid van het bodemprofiel te verkennen. Hieruit blijkt dat het natuurlijke bodemmateriaal bestaat uit kalkloze matig fijne tot grove duinafzettingen met lokaal een veenlaag. Op de duinafzettingen ligt in drie boorprofielen een humeuze zandlaag, vermoedelijk een overstoven bodem. Deze wordt afgedekt door 30 tot 60 cm lichtgrijs stuifzand. Op dit stuifzand ligt in vier van de vijf boorprofielen een humeuze cultuurlaag van 30 tot 70 cm dik. De bovenste laag van het bodemprofiel bestaat uit omgewerkte grond (20 tot 60 cm dik) en soms een strooisellaag van 10 cm. In het plangebied bevinden zich twee archeologische niveaus, namelijk de top van de stuifzandlaag tussen -18 en 36 cm NAP en de top van de oude bodem tussen -40 en -24 cm NAP. Op grond van het vondstmateriaal kan het ontstaan van de cultuurlaag in de Late Middeleeuwen en Nieuwe tijd worden geplaatst. In het bovenste archeologische niveau kunnen dan ook archeologische resten uit genoemde periode, of ouder aanwezig zijn. In het bijzonder kunnen archeologische resten gerelateerd aan het erf dat in de 16e eeuw al bestaat langs de Oude Bergerweg en terug kan gaan tot in de Late Middeleeuwen. De datering van het diepere archeologische niveau kan niet nader worden bepaald op basis van het booronderzoek. Bij de ontwikkeling wordt een kelder aangelegd zodat de twee potentiële archeologisch niveaus worden vergraven. Daarom wordt aanbevolen om door middel van nader archeologisch onderzoek te bepalen of archeologische resten aanwezig zijn (kartering) en wat daarvan de waarde is (waardering). Dit kan, omdat de archeologische resten zich hoofdzakelijk als een sporenniveau zullen manifesteren, het beste worden gedaan door middel van een proefsleuvenonderzoek.

  • Open Access Dutch; Flemish
    Authors: 
    Jong, C. De;
    Publisher: Data Archiving and Networked Services (DANS)
    Country: Netherlands

    Bureau voor Archeologie heeft een inventariserend veldonderzoek in de vorm van boringen uitgevoerd voor de herinrichting van het Museumplein te Ede.

  • Open Access Dutch; Flemish
    Authors: 
    Jong, C. De;
    Country: Netherlands

    Bureau voor Archeologie heeft een bureau- en inventariserend veldonderzoek in de vorm van boringen uitgevoerd voor bouwwerkzaamheden aan de Randweg 1 te Buren (G).

  • Open Access Dutch; Flemish
    Authors: 
    Bureau Voor Archeologie;
    Publisher: Data Archiving and Networked Services (DANS)
    Country: Netherlands

    Bureau voor Archeologie heeft een bureau- en inventariserend veldonderzoek in de vorm van boringen uitgevoerd voor een bouwplan ter hoogte van de Schoonouwenseweg 34 te Stolwijk.

  • Open Access Dutch; Flemish
    Authors: 
    Jong, C. de;
    Publisher: Data Archiving and Networked Services (DANS)
  • Open Access Dutch; Flemish
    Authors: 
    Bureau voor Archeologie;
    Country: Netherlands

    Bureau voor Archeologie heeft een bureau- en inventariserend veldonderzoek in de vorm van boringen uitgevoerd voor een bouwplan op enkele percelen bij Lodderhoeksestraat 11 te Angeren. Het plangebied ligt in het archeologisch landschap 'Rijn-Maasdelta', in de landschapszone stroom- en crevasseruggen. Het plangebied ligt tussen de Waalbeek en de Malburgen beddinggordels die afzettingen hebben gevormd in de Bronstijd, IJzertijd en Romeinse tijd. Mogelijk lopen crevasse-afzettingen van deze beddinggordels door tot in het plangebied. In het plangebied kunnen archeologische resten uit de Bronstijd en jonger aanwezig zijn gerelateerd aan bewoning, economie, infrastructuur, rituelen en begravingen. In de 18e, 19e en de eerste helft van de 20e eeuw is het plangebied onbebouwd en uit deze periode worden alleen resten gerelateerd aan agrarische activiteiten verwacht. In het plangebied zijn zes boringen gezet. Hieruit blijkt dat de natuurlijke ondergrond bestaat uit, van diep naar ondiep, rivierafzettingen van het Pleistocene terras X, Vroeg Holocene oeverafzettingen, komafzettingen, en crevasse- of oeverafzettingen van de Malburgen of Waalbeek beddinggordel. In de top van de crevasse- of oeverafzettingen heeft zich een cultuurlaag gevormd (ook wel “archeologische laag”). Deze cultuurlaag is aanwezig in het centrale en noordelijke deel van het plangebied. De top van het pakket ligt op 50 tot 60 cm-mv. In de cultuurlaag bevinden zich geen dateerbare indicatoren. De cultuurlaag is waarschijnlijk ontstaan in de Middeleeuwen of Nieuwe tijd. Gezien de ouderdom van de crevasse- of oeverafzettingen kunnen echter ook oudere archeologische resten (uit de Bronstijd en jonger) aanwezig zijn. Wij adviseren aanvullend archeologisch onderzoek uit te laten voeren om nader te bepalen of sprake is van behoudenswaardige archeologische resten. We bevelen aan dit onderzoek uit te laten voeren als een archeologisch proefsleuvenonderzoek.